MOTIVERING

 

Voorgeschiedenis en aanleiding

 

BOA-decreet

Het BOA-decreet van 2019 bepaalde dat lokale besturen vanaf 2026 de regierol krijgen over het lokaal geïntegreerd aanbod buitenschoolse opvang en activiteiten. Met dit decreet streeft de Vlaamse overheid naar een geïntegreerd geheel van opvang en activiteiten voor alle kinderen uit het basisonderwijs en gezinnen. Lokale spelers uit de kinderopvang, vrijetijdssector, onderwijs, welzijn etc. werken daarbij zo goed mogelijk samen vanuit drie doelstellingen:

        pedagogisch: kinderen speelmogelijkheden en ontplooiingskansen geven, maar ook keuzevrijheid en recht op rust

        economisch: ouders de mogelijkheid geven om werk, opleiding en gezin vlot te combineren

        sociaal: het aanbod dient toegankelijk en betaalbaar te zijn voor iedereen. het draagt op die manier bij tot een harmonieuze samenleving.
 

De regierol houdt ook in dat lokale besturen de lokale samenwerking en verdeling van beschikbare middelen regelen. Voor buitenschoolse opvangorganisatoren betekende dit dat de subsidiëring niet langer rechtstreeks zou gebeuren via Opgroeien, maar dat het lokaal bestuur de subsidie ontvangt via Opgroeien en beslist over de verdere verdeling van die subsidie. Een aanzienlijk deel van de subsidies zou moeten worden besteed aan opvangorganisatoren met een kwaliteitslabel kleuteropvang toegekend door Opgroeien.

 

Lokale erkenning, toezicht en handhaving van het lokaal BOA-aanbod

Recent werd het BOA-decreet gewijzigd door het wijzigingsdecreet BOA van 21/11/2025 en door het wijzigingsbesluit van 23/1/2026 waardoor de stad vanaf 1/9/2026 vanuit haar regierol ook in zal staan voor het erkennen, het toezicht en het handhaven van het lokaal BOA-aanbod.

 

Voor buitenschoolse opvangorganisatoren op ons grondgebied betekent dit dat vanaf 1/9 de huidige kwaliteitslabels kleuteropvang van departement Opgroeien niet langer als erkenningsbasis dienen voor hun aanbod en financiering. Deze labels worden vervangen door een systeem waarbij het lokaal bestuur BOA-aanbod erkent via een eigen op te maken erkenningskader met minimale verwachtingen. Ook het toezicht en de handhaving van lokaal erkende opvangorganisatoren komt bij het lokaal bestuur te liggen. Er is nog slechts een minimale rol qua handhaving voorzien op Vlaams niveau waarbij het lokaal bestuur enkel nog in tweede lijn Zorginspectie kan verzoeken om een toezicht ter plaatse uit te voeren.

 

Financiering van het lokaal erkend aanbod

Het gewijzigd BOA-decreet bepaalt ook dat minstens 75% van de subsidie van Opgroeien aan de stad besteed moet worden aan lokaal erkend BOA-aanbod. Het hebben van een lokaal erkenningskader tegen 1/9/2026 vormt ook één van de voorwaarden voor behoud van subsidies van Opgroeien door het lokaal bestuur.

 

De jaarlijkse subsidie van Opgroeien aan de stad vanaf 1/9/2026 bedraagt 554.459,91 EUR. Omtrent de financiering van lokaal erkend buitenschools opvangaanbod nam het college van burgemeester en schepenen alvast volgende beslissingen:

        Ferm kinderopvang wordt als organisator voor het aanbod buitenschoolse opvang aangesteld voor de periode 1/9/2026 - 31/8/2032 met een jaarlijkse financiering van 1.132.904,03 EUR. De overheidsopdracht werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 24/5/2025 en de gunning aan Ferm werd goedgekeurd door het CBS op 13/4/2026.

        't Pierelierke ontvangt voor dezelfde periode een jaarlijkse nominale toelage van 18.000,00 EUR. Beslissing CBS 4/5/2026.

Deze organisatoren hebben momenteel een opvangaanbod waarbij de groepen met kleuters in erkend zijn door Opgroeien op basis van het kwaliteitslabel kleuteropvang. Zij ontvangen subsidies van Opgroeien tot en met 31/8/2026.

 

Opmaak erkenningskader

Op 4/5/2026 keurde het college van burgemeester en schepenen een voorlopige versie van het lokaal erkenningskader BOA van toepassing op buitenschoolse opvangorganisatoren goed dat voor toelichting, bespreking en advies werd voorgelegd aan:

        het lokaal samenwerkingsverband BOA op 21/5/2026

        de gemeenteraadscommissie samenleving op 26/5/2026

Er werd maximaal rekening gehouden met de ontvangen feedback bij uitwerking van de finale versie.

 

Juridische grond

 

        Artikel 40 en 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.

        Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten van 3/5/2019.

        Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-) pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.

        Besluit van de Vlaamse Regering tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020 tot toekenning van een kwaliteitslabel aan organisatoren van kleuteropvang en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, het besluit van de Vlaamse Regering van 9 juli 2021 over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten en het Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021..

 

Argumentatie

 

Doelstelling, toepassingscriteria en geldigheid erkenningskader

Het lokaal erkenningskader dat voorligt heeft als focus het regelen van de erkenning en handhaving van het aanbod van organisatoren buitenschoolse opvang. Voor deze organisatoren valt het systeem van erkennen en handhaven/toezicht vanuit Opgroeien weg vanaf 1/9/2026. De stad neemt deze opdrachten over en zorgt voor een lokale regeling via dit kader.

 

We voorzien een erkenning, handhaving, ondersteuning van buitenschoolse opvangorganisatoren op basis van dit kader met een minimumaanbod aan 200 openingsdagen van 3 uur op schooldagen of 7 uur op niet-schooldagen, waarbij het gaat over organisatoren die een welbepaalde duurzaamheid en continuïteit in opvang realiseren voor kinderen en gezinnen. Organisatoren behouden speling om organisatorische keuzes te maken in openingsdagen en -uren.

 

De geldigheid van het erkenningskader en erkenningen op basis van het kader worden qua duurtijd en uiterste einddatum gelijkgeschakeld met andere BOA-beslissingen als de financiering aan Ferm en toelage aan 't Pierelierke. Einddatum is daarbij steeds 31/8/2032 waarbij we tegen einddatum een evaluatie van ons lokaal BOA-beleid inclusief erkennings- en financieel kader hebben doorlopen en we op basis daarvan tegen 1/9/2032 een aangepast erkenningskader ter goedkeuring voor de gemeenteraad kunnen brengen.

 

Erkenningsvoorwaarden

Decretaal is bepaald dat het lokaal erkenningskader minstens uitspraak moet doen over specifieke verwachtingen in zes kerngebieden die in het lokaal erkenningskader zijn overgenomen in de titels van artikel 3.1 tot en met 3.6.

 

Inhoudelijk is het erkenningskader in hoofdzaak vertrokken van de inhoud van de huidige kwaliteitslabels van Opgroeien, met hier en daar vereenvoudiging of concretisering. Deze inhoud vormt eveneens de basis van de overheidsopdracht goedgekeurd door de gemeenteraad in 2025 op basis waarvan de gunning aan Ferm is gebeurd. De interne voorbereidende werkgroep van 2024 onder leiding van Speelmakers oordeelde dat de lat correct en voldoende hoog wordt gelegd qua invulling opvang en de organisatoren die vanaf 1/9/2026 financiering ontvangen, zijn het reeds gewend om te werken binnen de verwachtingen van de labels. Op die manier voorzien we een zachte overgang en duidelijkheid voor organisatoren en continuïteit op vlak van aanbod naar kinderen en gezinnen.

 

Decretaal wordt gevraagd om in het luik medewerkersbeleid de nodige competenties op te nemen. Deze zijn voor begeleiders en verantwoordelijken overgenomen vanuit het kwaliteitslabel. Er wordt verwacht dat in de locatie zelf steeds iemand de rol van verantwoordelijke kan opnemen waaraan specifieke verwachtingen zijn gekoppeld.

 

Decretaal wordt ook gevraagd dat de organisator bij aanstelling van medewerkers steeds het goed gedrag en zeden controleert (uittreksel strafregister). Vanuit de stad wordt aanvullend gevraagd om aan te tonen dat de organisator kan bewijzen dat de controle is gebeurd. Dit kan omwille van privacywetgeving niet op basis van het bezorgen van attesten, daarom wordt gevraagd om bij aanvraag erkenning een medewerkerslijst te bezorgen met verklaring dat de controle is gebeurd en zijn een aantal regels bij nieuwe aanwervingen opgenomen om te waarborgen dat de controles zeker gebeuren.

 

De stad vraagt om voldoende begeleiders te voorzien die voldoen aan de nodige competenties. Aanvullend is in het kader, net als in de huidige labels van Opgroeien, onderstaande opgenomen.

        Toepassing van kindratio van minimaal 1 begeleider per 18 kinderen in eenzelfde groep

        waarbij het uitgangspunt is dat 80% van de begeleiders voldoet aan de nodige competenties en dit kan aantonen op basis van een geldige opleiding, ervaringsbewijs of 5 jaar werkervaring.

        Tijdens piekmomenten mogen tijdelijk meer dan 36 kinderen worden opgevangen in een groep met twee begeleiders met de nodige competenties aantoonbaar op basis van één van dezelfde voorwaarden.

 

Bovenstaande regels waren reeds van toepassing binnen de opvang met kwaliteitslabel van Opgroeien. Enige toevoeging die in het lokaal erkenningskader is gemaakt is de 5 jaar werkervaring als bewijs voor verworven competenties. Het zijn minimumregels, wat betekent dat er steeds meer begeleiders mogen worden ingezet die voldoen aan de nodige competenties, maar die niet noodzakelijk voldoen aan de voorwaarden omtrent opleiding, ervaringsbewijs, werkervaring. Extra ondersteuning van jobstudenten, stagiairs, begeleiders die in een opleidingstraject zitten, vrijwilligers, ... is dus steeds mogelijk. Ook ter ondersteuning van voorschoolse en naschoolse piekmomenten met een groep kinderen boven de 36 zolang er twee begeleiders aanwezig zijn die aan de voorwaarden rond aantoonbare competenties voldoen.

 

In het luik verbondenheid nemen we de verwachtingen op omtrent invulling sociale functie vanuit de opvang waarbij de nodige aandacht wordt gevraagd voor actieve samenwerking met lokale partners vanuit de noden van kinderen en gezinnen en de geest van het BOA-decreet. 

 

In het luik monitoring en evaluatie vragen we dat organisatoren actief blijven werken aan het verbeteren of versterken van hun werking op basis van de feedback van relevante stakeholders ad hoc en structureel (periodieke evaluaties) op basis van een eigen uit te werken aanpak waarbij de nodige communicatie wordt voorzien omtrent bevindingen en ondernomen acties. 

 

Erkenningsprocedure

Organisatoren kunnen een digitale aanvraag indienen waarbij de minimale bewijsstukken opgenomen in dit kader worden ingediend. Er worden redelijke termijnen voorzien qua doorlooptijd tot erkenningsbeslissing en extra tijd indien aanpassingen, bijkomende info of een locatiebezoek nodig zijn. Organisatoren krijgen een redelijke termijn om bezwaar tegen een beslissing in te dienen. 

Bij goedkeuring van het kader door de gemeenteraad in juni voorzien we dat organisatoren vanaf 1/7 hun aanvraag kunnen indienen. In de praktijk voorzien we een snellere doorlooptijd opdat beslissingen ten laatste in augustus genomen kunnen worden opdat de erkenning zou kunnen starten op 1/9.

 

Toezicht en handhaving

Dit luik is opgebouwd op basis van de minimale decretale verplichtingen. Daarnaast voorzien we een jaarlijkse opvolgingsstructuur met overleg op basis van een zelfevaluatie en locatiebezoek(en) als basis met als insteek korte communicatielijnen, ondersteuning op basis van een vertrouwensrelatie tussen stad en organisator. Bij Ferm wordt deze geïntegreerd in de voorziene stuurgroepstructuur (overheidsopdracht). We voorzien een tijdelijke of definitieve mogelijkheid tot intrekken van erkenning bij niet-naleving van voorwaarden in laatste instantie.

 

BELEIDS- EN FINANCIELE INFORMATIE

 

Valt onder actie "Regierol binnen Buitenschoolse Opvang en ACtiviteiten (BOA)" van het meerjarenplan, met actienummer: 1/1/2/2, beleidsitem: Kinderopvang met nummer 945-00

 

Besluit heeft geen financiële impact.

 

BESPREKING

 

De bespreking van dit agendapunt kan via deze link beluisterd worden (vanaf 01:22:14)

 

BESLUIT

 

Bij 25 ja stemmen (Tinne Rombouts, Arnold Wittenberg, Piet Van Bavel, Hilde Vermeiren, Marc Haseldonckx, Ann Fockaert, Mariëlle Schalk, Herman Snoeys, Mai Sterkens, Ward Baets, Fons Jacobs, Jos Matthé, Katrien Brosens, Dimitri Van Pelt, Joël Adams, Maarten Leemans, Koen Van Leuven, Caroline Martens, Marleen De Bie, Kobe Van Den Ouweland, Vicky Rombouts, Nick Martens, Natasja Snels, Jef Bluekens en Corina Furdui)

Enig artikel:

De gemeenteraad keurt het lokaal erkenningskader BOA voor buitenschoolse opvangorganisatoren overeenkomstig onderstaande inhoud goed.

 

Artikel 1: doelstelling

Vanuit  het BOA-decreet staat stad Hoogstraten vanaf 1/9/2026 in voor het erkennen en handhaven van een lokaal BOA-aanbod. Stad Hoogstraten erkent organisatoren buitenschoolse opvang en zorgt voor het nodige toezicht en de handhaving van erkende opvanginitiatieven conform de voorwaarden en de procedure opgenomen in dit reglement.

 

Het erkenningskader heeft als doel een kwaliteitsvol aanbod buitenschoolse opvang aan te bieden aan kinderen en gezinnen op het grondgebied van Hoogstraten. De erkenningsvoorwaarden bepalen de kwaliteitsverwachtingen waaraan erkende organisatoren en het aanbod moeten voldoen. De stad zorgt ook voor handhaving van en de toezicht op naleving van de voorwaarden door erkende organisatoren.

 

Artikel 2: toepassingsgebied

Het erkenningskader is van toepassing op elke organisator die buitenschoolse opvang op het grondgebied van stad Hoogstraten organiseert en die voldoet aan volgende voorwaarden:

        organiseert opvang voor kinderen uit het basisonderwijs

        de opvang vindt plaats op weekdagen en dit voorschools, naschools, op woensdagnamiddag, op schoolvrije dagen en/of op schoolvakantiedagen

        realiseert een aanbod van minstens 200 openingsdagen per jaar van minstens 3 uur op schooldagen en minstens 7 uur op schoolvrije of vakantiedagen

        er worden in hoofdzaak kinderen opgevangen die woonachtig zijn of naar school gaan in Hoogstraten

        heeft rechtspersoonlijkheid

 

Bewijsstuk in te dienen bij erkenningsaanvraag: beschrijving vooropgesteld opvangaanbod waarbij wordt aangetoond op welke wijze de opvangorganisator bij startdatum erkenning zal voldoen aan de minimale toepassingscriteria opgenomen in dit artikel.

 

Artikel 3: erkenningsvoorwaarden

Artikel 3.1. Organisatorisch beleid

De opvangorganisator realiseert kwaliteitsvolle en duurzame kinderopvang voor kinderen en gezinnen. Ze beschikt over en blijft werken aan haar organisatorisch en beleidsvoerend vermogen en haar integriteit om dit te realiseren naar de kwaliteitsverwachtingen en voorwaarden opgenomen in dit kader.

 

De organisator zorgt daarbij minstens voor:

        een weloverwogen visie omtrent kwaliteitsvolle, duurzame en integere kinderopvang voor kinderen en gezinnen in lijn met bovenstaande ambitie

        vertaling van deze visie naar een concrete en coherente aanpak met aandacht voor realisatie van onderstaande minimale verwachtingen

        interne gedragenheid omtrent haar visie en aanpak

        duidelijk leiderschap waarbij leidinggevenden/management zorgen voor een duidelijke werkstructuur die ervoor zorgt dat de dienstverlening en samenwerking in en (indien van toepassing) tussen locaties vlot loopt. Iedereen weet wat de taken, rollen en verantwoordelijkheden zijn; algemeen en op een specifiek moment. Indien nodig worden zaken schriftelijk bijgehouden en gedeeld. 

        de nodige ondersteuning van de organisator en haar medewerkers

        een proactieve, reflectieve en innovatieve houding en aanpak rekening houdend met relevante feedback en expertise van internen en externen; alsook ontwikkelingen in de omgeving/samenleving/regelgeving

        doeltreffende communicatie en transparantie waarbij de juiste informatie tijdig en duidelijk bij de juiste mensen terechtkomt

        een gezond financieel beleid

 

Bewijsstuk in te dienen bij erkenningsaanvraag: beschrijving visie en aanpak, waarbij wordt aangetoond hoe ze zal voldoen aan de minimale verwachtingen opgenomen in dit luik

 

Artikel 3.2. Pedagogisch beleid

De opvangorganisator realiseert een kwaliteitsvol aanbod voor kinderen dat beantwoordt aan de noden en het welzijn van kinderen. Het aanbod komt tegemoet aan de rechten van het kind op vrije keuze, spel, beweging, rust en ontwikkeling.

 

Ze zorgt daarbij minstens voor:

        een weloverwogen kindvisie en pedagogische aanpak die beantwoorden aan bovenstaande ambitie en de minimale voorwaarden opgenomen in dit luik

        het creëren van een aanbod in een sfeer van vrijetijd en met rijke en gevarieerde speel- en ontplooiingskansen

        kwaliteitsvolle interacties tussen kinderen en begeleiders

        afstemming van de opvangtijd en kind-begeleiderinteracties op

        het welbevinden en de betrokkenheid van kinderen

        de onderlinge verbondenheid tussen aanwezige kinderen en begeleiders

        het ontwikkelingsniveau, het ritme, de interesses, wensen en eigenheid van de aanwezige kinderen

        een cruciale plaats van het Nederlands binnen de werking. Er is aandacht voor taalontwikkeling en taalkansen voor kinderen

        voldoende begeleiders met de nodige competenties om aan de kwaliteitsvoorwaarden uit dit luik te kunnen voldoen

        een kindbegeleiderratio waarbij maximaal achttien kinderen per begeleider aanwezig zijn in eenzelfde groep. Tijdens piekmomenten kan deze grens tijdelijk overschreden worden, als er minstens twee begeleiders in de opvanglocatie aanwezig zijn

        de nodige continuïteit van begeleiders met erkenning van het belang van vertrouwde gezichten voor kinderen in functie van hun welzijn tijdens en ervaring van de opvangtijd

        voldoende binnen- en buitenruimte voor de aanwezige kinderen en hun noden

        een gezonde, speelse en uitdagende omgeving die zo veilig is als nodig

 

 

Bewijsstukken in te dienen bij erkenningsaanvraag:

        beschrijving kindvisie en pedagogische aanpak waarbij wordt aangetoond hoe ze zal voldoen aan de minimale verwachtingen opgenomen in dit luik

        beschrijving van de beschikbare binnen- en buitenruimte

 

De stad kan ter ondersteuning van haar beoordeling van de erkenningsaanvraag een locatiebezoek inplannen.

 

Artikel 3.3. Gezinnen en toegankelijkheid

De organisator zorgt voor een laagdrempelig, gebruiksvriendelijk, flexibel, betaalbaar en inclusief opvangaanbod dat toegankelijk is voor alle gezinnen met kinderen die wonen of naar school gaan in Hoogstraten. Ze heeft aandacht voor de diverse noden van gezinnen, ouders/opvoeders en stemt haar werking hier blijvend op af. 

 

Ze zorgt daarbij minstens voor:

        een weloverwogen visie op gezinnen en toegankelijkheid van de werking en vertaling naar een concrete en coherente aanpak. Beiden beantwoorden aan bovenstaande ambitie en de minimale voorwaarden opgenomen in dit luik.

        de nodige betrokkenheid van ouders/opvoeders bij de opvang zowel structureel als in de dagelijkse contacten met begeleiders

        een transparant prijsbeleid met toepassing van een beleid rond sociaal tarief

        realisatie van een inclusieve werking aangepast op kinderen met een specifieke zorgbehoefte rekening houdend met noden en de draagkracht van het kind, ouder(s), teams en de groep

        de nodige interne expertise en sensitiviteit rond (financieel) kwetsbare gezinnen en afstemming van aanpak en communicatie op de specifieke noden van deze kinderen en gezinnen

        bijzondere aandacht voor de specfieke noden van kleuters

        een beschrijving van het opvangaanbod en de voorwaarden ervan, minstens het opname- en prijsbeleid, en maakt dat op voorhand bekend aan gezinnen en relevante partners als school, stad, huis van het kind

        schriftelijk vastleggen van de afspraken over dienstverlening tussen organisator en het gezin onderling

        concrete up to date info over de opvanglocatie en het aanbod: online, schriftelijk en in de opvanglocatie

 

Bewijsstuk in te dienen bij erkenningsaanvraag: beschrijving visie en aanpak rond gezinnen en toegankelijkheid waarbij wordt aangetoond hoe ze zal voldoen aan de ambitie en minimale verwachtingen opgenomen in dit luik

 

Artikel 3.4. Medewerkersbeleid

De organisator realiseert een duurzaam medewerkersbeleid. Begeleiders vormen de motor van een kwaliteitsvolle opvang voor kinderen en gezinnen. Er wordt goed voor elkaar gezorgd opdat zij graag komen werken en zich gesterkt voelen om de opvang te realiseren naar de kwaliteitsverwachtingen opgenomen in dit kader. 

 

Ze zorgt daarbij minstens voor:

        realisatie van een duurzaam medewerkersbeleid volgens de verwachtingen opgenomen in dit luik

        goede werkomstandigheden

        een leerbeleid waarbij de nodige ondersteuning op de werkvloer wordt voorzien met het oog op een goede samenwerking en de ontwikkeling van de noodzakelijke competenties en vakgerelateerde kennis en kunde

        een verantwoordelijke die

        de dagelijkse werking aanstuurt en (daartoe) beschikt over de nodige competenties

        beschikt over de kennis en kunde om te handelen in crisissituaties

        de basisprincipes toepast ter preventie van ziekte en ter bevordering van de gezondheid

        voldoende, actieve kennis van het Nederlands heeft om met de gebruikers en het lokaal bestuur te kunnen communiceren

        een vervangend medewerker die aanwezig is op de opvanglocatie bij afwezigheid van de verantwoordelijke en die

        de opdracht van de verantwoordelijke overneemt

        en als aanspreekpersoon fungeert voor de gebruikers en het lokaal bestuur

        beschikt over de kennis opdat hij de basisprincipes kan toepassen ter preventie van ziekte en ter bevordering van de gezondheid

        voldoende begeleiders aanwezig op de opvanglocatie om aan de kindratio te kunnen voldoen en die beschikken over de nodige minimale kennis en competenties: 

        zorg en speelmogelijkheden aanbieden met het oog op de brede ontplooiing van het kind

        samenwerken met ouders en hen erkennen als eerste opvoeder

        samenwerken met collega’s en andere beroepsbeoefenaars

        samenwerken met de buurt en lokale partners

        positief omgaan met diversiteit

        reflecteren over en verbeteren van de werking

        de kennis en kunde hebben om te handelen in crisissituaties

        de basisprincipes toepassen ter preventie van ziekte en ter bevordering van de gezondheid

        beschikken over voldoende kennis van het Nederlands

uitgangspunt is dat 80% van de begeleiders een vorming voltooid heeft die de nodige   competenties voor kinderbegeleiders aanleert; of een ervaringsbewijs of minstens 5 jaar werkervaring in de buitenschoolse opvang heeft en die aantonen dat deze competenties verworven zijn. Bij onvoorziene afwezigheden kan tijdelijk afgeweken worden van deze regel om de continuïteit van de opvang te verzekeren.

        controleert bij de aanstelling van elke persoon - minstens de kinderbegeleiders en verantwoordelijken - die werkzaam zijn in de kinderopvang(locaties) het goed en zedelijk gedrag van de betrokkene, dat minstens een onberispelijk gedrag in de omgang met minderjarigen inhoudt. Artikel 3, tweede tot en met vijfde lid, artikel 4, eerste lid, en artikel 5 van het decreet van 3 juni 2022 houdende de verplichting voor bepaalde organisaties om een uittreksel uit het strafregister, vermeld in artikel 496, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, te controleren voor bepaalde nieuwe personen werkzaam in de kinderopvanglocatie, is daarbij van toepassing.

        bij incidenten kan de organisator ten allen tijde aan de stad aantonen dat het bovenstaande attest werd gecontroleerd bij indienen van de erkenningsaanvraag of - indien aanwerving nadien pas gebeurt - voorafgaand aan de aanwerving.

 

Bewijsstukken in te dienen bij erkenningsaanvraag:

        beschrijving visie en aanpak rond medewerkersbeleid waarbij wordt aangetoond hoe ze zal voldoen aan de ambitie en minimale verwachtingen opgenomen in dit luik

        lijst met medewerkers aan het werk op het moment van de erkenningsaanvraag waarbij wordt verklaard dat het goed en zedelijk gedrag recent werd gecontroleerd door de organisator

 

Artikel 3.5. Verbondenheid

De organisator hecht veel belang aan haar sociale functie als lokale organisatie buitenschoolse opvang. Vanuit het belang en de noden van kinderen en gezinnen wordt actief samengewerkt met relevante lokale partners. Samen wordt er gebouwd aan een kindvriendelijk, zorgzaam en inclusief Hoogstraten waar kinderen volop kunnen genieten van een fijne vrijetijd en gezinnen gebruik kunnen maken van een toegankelijk en afgestemd BOA-aanbod. 

 

De organisator zorgt daarbij minstens voor:

        een gedragen visie over de situering van het aanbod en de samenwerking met actoren binnen het lokaal BOA-aanbod

        actieve deelname aan het lokaal samenwerkingsverband BOA

        samenwerking met relevante partners als scholen, vrijetijds- en sociale partners

        engagement tot actieve deelname binnen het netwerk van het Huis van het Kind

        medewerking aan initiatieven die de sociale cohesie binnen de buurt of een deeldorp versterken

 

Bewijsstuk in te dienen bij erkenningsaanvraag: beschrijving visie en aanpak (bv. concrete acties) waarbij haar engagementen conform dit luik worden verduidelijkt.

 

Artikel 3.6. Monitoring en evaluatie

De organisator hanteert een proactieve, reflectieve en innovatieve houding met het oog op een voortdurende verbetering van de eigen werking. De minimale kwaliteitsverwachtingen opgenomen in dit kader dienen als toetssteen. Er wordt op transparante wijze rekening gehouden met de feedback van kinderen, gezinnen, medewerkers en de expertise en feedback van relevante externen.

 

De organisator zorgt daarbij minstens voor:

        periodieke evaluaties van de werking door kinderen, gezinnen en medewerkers

        een jaarlijkse zelfevaluatie op basis van de opgenomen kwaliteitseisen die worden gedeeld met de stad tijdens/ter aanvulling op een jaarlijks locatiebezoek

        aanwending van de resultaten om de werking voortdurend te verbeteren

        transparante communicatie naar relevante stakeholders toe omtrent resultaten van evaluaties en implementatie van acties ter verbetering van de werking

 

Bewijsstuk in te dienen bij erkenningsaanvraag: beschrijving aanpak monitoring en evaluatie waarbij wordt getoond hoe de organisator concreet wil voldoen aan de ambitie en minimale verwachtingen opgenomen in dit luik.

Artikel 4: erkenningsprocedure

 

Artikel 4.1. Aanvraag

Opvanginitiatieven kunnen een erkenning digitaal aanvragen via de website van stad Hoogstraten. De nodige minimale bewijsstukken opgenomen in dit reglement worden ingediend.

 

Artikel 4.2. Beoordeling aanvraag en beslissing

Het college van burgemeester en schepenen beslist over het toekennen van de erkenning binnen een duurtijd van zestig dagen na indienen aanvraag. Ze doet dit op basis van de voorwaarden opgenomen in dit kader en na degelijke evaluatie van de ingediende bewijsstukken.

Indien de ingediende bewijsstukken onvolledig of onvoldoende zijn om een weloverwogen beslissing te kunnen nemen, kunnen aanpassingen of bijkomende info worden opgevraagd. Er kan op vraag van het lokaal bestuur ook een locatiebezoek plaatsvinden ter controle van de voorwaarden opgenomen in dit kader.

 

Na indienen van eventuele aanpassingen, bijkomende info of het plaatsbezoek heeft het college dertig dagen om een beslissing te nemen. 

 

Stad Hoogstraten informeert de organisator over de beslissing ten laatste vijf werkdagen nadien per mail.

 

Artikel 4.3. Bezwaar

De organisator kan uiterlijk dertig dagen na de kennisgeving tegen de beslissing tot weigering of tot opheffing bij het lokaal bestuur bezwaar aantekenen met een aangetekende brief.

 

De termijn van dertig dagen gaat in vanaf de derde werkdag die volgt op de dag waarop het lokaal bestuur met een aangetekende brief aan de postdiensten overhandigd heeft, tenzij de geadresseerde het tegendeel bewijst.

 

De aangetekende brief bevat minstens al de volgende gegevens:

        naam en ondernemingsnummer organisator

        naam en adres kinderopvanglocatie(s)

        motivering bezwaar

        datum en handtekening organisator

Artikel 5: toezicht en handhaving

De stad zorgt voor toezicht en handhaving van het door haar erkende opvangaanbod conform de verwachtingen uit het BOA-decreet.

 

Ze zorgt daarbij minstens voor:

        een procedure voor het behandelen van klachten over het erkend aanbod

        ingrijpen als kinderen in gevaar zijn op vlak van veiligheid en gezondheid

 

Er vindt minstens jaarlijks een overleg en locatiebezoek plaats tussen stad en organisator ter opvolging van en ondersteuning bij de erkenningsvoorwaarden en het aanbod. De organisator bereidt voorafgaand een zelfevaluatie voor die wordt besproken tijdens het bezoek.

 

Wanneer uit haar toezicht blijkt dat de veiligheid of gezondheid van kinderen mogelijk in het gedrang komt én het door het lokaal bestuur georganiseerde toezicht onvoldoende is om te beslissen over de noodzaak van handhaving, zal het lokaal bestuur in tweede lijn Zorginspectie kunnen verzoeken om een toezicht ter plaatse uit te voeren.

 

Bij niet-naleving van één of meerdere bepalingen uit dit reglement kan het lokaal bestuur de erkenning tijdelijk of definitief intrekken.

Artikel 6: geldigheid

Dit reglement treedt ten vroegste in werking op 1/9/2026 en geldt maximaal tot 31/8/2032.

 

De stad zorgt tijdig voor een evaluatie en daarop aangepast erkenningskader tegen 1/9/2032.

 

De einddatum van een erkenning op basis van dit reglement wordt gelijkgeschakeld met de einddatum van dit reglement. Om nadien opnieuw erkend te worden, moet de organisator opnieuw een erkenning aanvragen op basis van het nieuwe erkenningskader.

 

Disclaimer

Register der bekendmakingen

Deze webpagina vormt het openbare register van gemeentelijke reglementen en verordeningen, in overeenstemming met het besluit van de Vlaamse regering van 28 april 2023 betreffende de bekendmakingen en raadpleegbaarheid van besluiten en documenten van het lokale bestuur met betrekking tot de manier waarop ze moeten worden bijgehouden.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, zal er een expliciete "bundel" van het document worden opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker.

Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan in een aparte publicatie omgeving die beveiligd en toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.